Bijenplek bij basisschool Het Avontuur in Dalfsen - Marije Ruijter
Bijenplek bij basisschool Het Avontuur in Dalfsen - Marije Ruijter

Bijenles: proeven, ruiken, voelen en kijken in de bijengastles!

Een spannende quiz met prikkelende vragen om de voorkennis te testen, een klein stukje bijen-theorie, de materialen uit de bijenleskist bekijken -en vooral ook voelen en proeven(!)- om er vervolgens op uit te gaan om de verschillende soorten bijen op het eigen schoolplein te spotten. Zomaar een greep uit de activiteiten van een bijengastles, verzorgd door een vrijwilliger van Natuur en Milieu Overijssel.

Anita Vulkers is één van de vrijwilligers die de gastlessen verzorgt. Dat doet ze naast haar baan in het ziekenhuis Isala in Zwolle. “Ik ontvang de nieuwsbrief van Natuur en Milieu Overijssel en daar stond een oproep voor bijengastdocenten. Ik dacht in eerste instantie “oei, dat is wel een ver-van-mijn-bed-show!” Ik heb namelijk geen ervaring voor de klas en weet alleen vanuit mijn eigen interesse iets over bijen. Maar het leek me zo leuk, dat ik me toch maar heb aangemeld!”.

“Ik heb zelf ook veel bijgeleerd!”

Die aanmelding bleek een goede keus! “Ik heb genoten van de lessen en de leerlingen, en zelf ontzettend veel bijgeleerd”, vertelt Anita. En dat ze bij aanvang geen doorgewinterde imker of een ervaren onderwijskundige was, bleek geen enkel probleem: “Mijn kennis over bijen werd bijgespijkerd in een cursus van twee middagen, en we konden werken met een leskist vol inspirerende materialen waar ik als leek ontzettend goed mee uit de voeten kon.”

Betrokken en nieuwsgierig

Eén van de scholen waar Anita de gastlessen heeft verzorgd is OBS Het Avontuur in Dalfsen, in de klas van Femke Prins. Door de leermethode die Het Avontuur volgt, zijn de leerlingen het gewend om les te krijgen van gastdocenten. De gastlessen -zoals die van bijengastdocent Anita- zijn van enorme meerwaarde volgens leerkracht Femke: “Je haalt met een gastdocent veel meer kennis in huis dan dat je als leerkracht kunt bieden. En dat merk je ook aan de leerlingen: ze stellen betere vragen, zijn meer betrokken bij de les en ontzettend nieuwsgierig naar de gastdocent zelf.” Die betrokkenheid en nieuwsgierigheid is ook Anita opgevallen. “Ze waren zo geïnteresseerd. Dat vond ik toch wel heel bijzonder.”

“De bijenles stak goed in elkaar”

Die betrokkenheid kwam volgens Femke niet alleen door het feit dat er een gastdocent op bezoek kwam in de les. “De les zat ook gewoon goed in elkaar. Anita begon met een quiz, en je zag mijn leerlingen denken: ‘Bijen, daar weten we toch al alles van!’.” Maar de vragen van Anita waren prikkelend en de vraagtekens verschenen op de gezichten van de leerlingen. “De woorden “huh?” en “echt!?” zijn vaak gevallen tijdens de quiz. De leerlingen wilden heel graag meer weten!”.

Voor dat laatste was in de les van Anita alle ruimte. “In de bijenleskist had ik allerlei materialen meegenomen om het onderwerp te verkennen”, vertelt Anita. “Alle zintuigen werden geprikkeld. Ik had verschillende soorten honing mee om te proeven en te ruiken, een honingraad die ze konden aanraken, en bijen-zoekkaarten om de verschillende soorten bijen te kunnen bestuderen en zelf na te tekenen. Daarna gingen we naar buiten om op het schoolplein bijen te zoeken.” En die werden op het Avontuur zeker gevonden: de school in Dalfsen beschikt over een plein met een moestuin met groenten en bloemen en hadden zelfs al een bijenhotel. Helaas is niet elke school zo ver. “Op een kaal, betegeld schoolplein zul je niet veel bijen tegenkomen,” aldus Anita. “Maar dat is ook direct een mooi leermoment. De leerlingen komen zelf met allerlei ideeën om het schoolplein bijvriendelijker te maken.”

Een absolute aanrader

Over de vraag of Femke de bijengastlessen aan andere scholen zou aanraden, hoeft ze niet lang na te denken: “Absoluut! Niet alleen omdat het een leuke invulling was van het lesprogramma en de leerlingen het hartstikke leuk vonden, maar ook omdat het zo’n belangrijk -en helaas onderbelicht- onderwerp is. Daar wil je met de leerlingen voldoende aandacht aan besteden.”