Bessenstruiken planten en verzorgen

Bessenstruiken zijn een mooie aanvulling in je omgeving. Ze leveren niet alleen lekkere bessen voor jezelf, maar zijn ook waardevol voor vogels en andere dieren. Met een goede start en een beetje aandacht groeien ze uit tot gezonde struiken waar je jarenlang plezier van hebt.

Hieronder lees je waar je op moet letten bij het planten van de bessenstruiken.

Kruisbes
Kruisbes

Eerst: zorg goed voor de wortels

Kun je de struiken niet meteen planten? Zorg dan dat de wortels niet uitdrogen. Zet de planten uit de zon en bescherm ze tegen wind en vorst. Houd de wortels vochtig tot het moment van planten.

Ook vlak voor het planten is het belangrijk dat de wortels goed vochtig zijn. Een plant uit een pot kun je bijvoorbeeld enkele minuten in een emmer water zetten zodat de wortelmassa zich goed volzuigt.

Plant liever niet als de grond bevroren is, als het overdag voortdurend vriest of als de grond kletsnat is.

Zo plant je de bessenstruiken

Maak een ruim plantgat: ongeveer 1,5 tot 2 keer zo breed en diep als de kluit of wortels. Maak ook de bodem van het gat goed los, zodat de wortels makkelijk verder kunnen groeien.

Is de grond droog? Vul het plantgat dan eerst met water en laat dit in de bodem trekken.

Bessenstruiken mogen iets dieper: De meeste planten plant je ongeveer even diep als ze in de pot of op de kwekerij stonden. Bessenstruiken zijn hierop een uitzondering; je kunt ze iets dieper planten. De takken die onder de grond komen, kunnen namelijk extra wortels vormen.

Haal de pot van de plant. Als dat niet lukt dat door voorzichtig te knijpen en trekken, knip de pot dan kapot. Zo voorkom je beschadiging van de plant.

Aalbes
Aalbes

De eerste weken: water geven

Een jonge struik heeft tijd nodig om nieuwe wortels te maken. Geef daarom vooral de eerste weken regelmatig water. Ook in het eerste seizoen kan extra water nodig zijn.

Geef liever af en toe een flinke hoeveelheid water, zodat het diep de grond in trekt, dan iedere dag een klein beetje.

Snoeien voor gezonde struiken

Bessenstruiken kun je het beste in de winter snoeien. Door ieder jaar te snoeien houd je de struik gezond en goed gevormd.

Bij jonge struiken ligt de nadruk de eerste twee jaar op het vormen van de struik. Verwijder zwakke scheuten en takken die horizontaal groeien. Knip deze terug tot een lage knop of een opgaande scheut.

Na ongeveer twee jaar kun je oudere, donker gekleurde takken verwijderen. Houd ongeveer vier tot zes sterke hoofdtakken over.

Een bessenstruik groeit het liefst met een open structuur, zodat er voldoende lucht tussen de takken kan komen. Verwijder daarom ook takken die over de grond groeien. Bessen die op de grond hangen, zijn sneller vatbaar voor rotting en ziekten.

Een gezonde struik, lekkere bessen

Met een goede start, voldoende water en regelmatig snoeien geef je je bessenstruiken alles wat ze nodig hebben om uit te groeien tot gezonde en productieve planten.

Deze tips zijn natuurlijk niet alleen voor de bessenstruiken uit onze actie. Heb je ergens anders een bessenstruik gekocht? Ook dan kun je deze informatie gebruiken.

Veel plezier met planten en straks met oogsten!